Honger maakt helden. Nu het eindelijk echt winter is en de vorst ongenadig hard toeslaat, laten veel tuinvogels alle schuwheid varen en wagen zij zich tot vlak bij mijn kamerraam. Uit nood natuurlijk, in de hoop zo dicht bij de woning voedsel te vinden. Kruimels, misschien zelfs een vetbol met heerlijke zaden.
Ze hebben pech, de twee pimpelmezen die alert over de stoep hippen, want vetbollen hebben we deze winter nergens hangen. Ruim tien minuten lang scharrelen de vogeltjes voor mijn kamerraam rond en kan ik genieten van hun intense kleuren. Mooier dan menige exoot zijn ze.
Bij de recente landelijke tuinvogeltelling van 19 en 20 januari , waarbij in totaal 600.000 vogels werden geteld, stond de pimpelmees fier in de top 5. Een zeldzame gast is dit prachtdiertje dus niet. Is het dan niet raar dat ik toch zó lang kan genieten van zo’n alledaagse verschijning? Is het misschien het harde winterlicht dat de kleuren zo mooi doet uitkomen waardoor ik vrijwel alles om mij heen vergeet en mij vergaap aan dit gevederde wondertje?
Misschien… maar het kijken naar de twee zo fanatiek voedsel zoekende pimpelmezen stemt ook weemoedig. Want hoewel Nederland rond de 300.000 broedparen telt, is geen enkele pimpelmees zijn leven in de wintermaanden zeker. Een strenge winter betekent de dood van ongeveer de helft van de pimpelmezenbevolking…
Gelukkig leggen ze in het voorjaar weer veel eitjes, ongeveer tien stuks per broedsel. Hun nesten maken ze bij voorkeur in holen.
Sorry, geen vetbollen deze winter. Maar ik beloof dat ik in het voorjaar nestkastjes voor ze ophang.
Er zijn nog geen reacties geplaatst.